/

Back to home page

Europe Democracy around the World D66 European Parliament

Tweede Kamer moet rapporteurs instellen voor betere controle op Europese besluitvorming

   Tue 06/12/2005

De Tweede Kamer moet rapporteurs instellen om de controle op de Europese besluitvorming te versterken. Dat stelde Europa woordvoerder Lousewies van der Laan vandaag (5 december 2005) bij het Nota-overleg over het werkprogramma van de Europese Commissie 2006. “De Nederlandse politiek komt vaak toch te laat in actie, terwijl we alle mogelijkheden hebben om de democratische controle te versterken”, aldus Van der Laan, die ook als lid van het Europees Parlement klaagde over de beperkte betrokkenheid van de tweede kamer. Ze ziet echter wel dat veel ten goede is veranderd sinds haar komst naar Den Haag. Inbreng Van der Laan (D66) bij Notaoverleg over het wetgevings- en werkprogramma van de Europese Commissie 2006.

 

Toen ik in 2003 lid werd van deze Kamer viel mij op dat al mijn vooroordelen over de gebrekkige controle op Europa terecht waren. In 2002 heb ik een artikel geschreven in de Internationale Spectator met als titel “Het democratisch gat van Europa ligt in Den Haag”. En alhoewel nog veel zaken even relevant zijn, moet ik zeggen dat er sinds mijn komst veel ten goede verandert is. De Kamer maakt regelmatig gebruik van haar recht instemming te onthouden bij een JBZ Raad. We hebben pittige debatten gehad over de dataretentie en andere Europese zaken, waarbij de kamer, in nauwe samenwerking met de Europese collega’s serieus werk heeft gemaakt van haar controle functie. Er is een kamerbrede Europese nieuwsbrief, een vertegenwoordiger van de Staten Generaal in Brussel en een projectmanager voor de betere controle op Europa.

D66 is als pro-Europese partij dan ook zeer tevreden dat het debat over het werkprogramma nu voor het tweede jaar wordt gehouden. Het parlement zal een nog actievere rol moeten gaan spelen m.b.t. nieuwe regelgeving uit Brussel. Europees beleid is nationaal beleid, zoals de Raad van State terecht zegt in haar recente advies. Ik hoop dat het referendum over de Grondwet in die zin ook een belangrijke “wake up call” is geweest en dat we het breder kunnen trekken dan “the usual suspects”: Hans en Frans, Jan Jacob en Lousewies.

 

Het overleg van vandaag zal ook helpen bepalen welke voorgenomen wet- en regelgeving onderworpen moet worden aan een subsidiariteitstoets. Ook is voor D66 dit overleg belangrijk om vast te stellen welke dossiers actiever gevolgd gaan worden door kabinet en kamer. Om dat goed te doen moet de Tweede kamer veel eerder in actie komen.

 

D66 stelt voor om te experimenteren met het aanstellen van een rapporteur. Dit zou een kamerlid kunnen zijn die een Europees dossier langere tijd gaat volgen en collega’s attendeert op nieuwe ontwikkelingen. In het Franse parlement is een rapporteur benoemd voor de dienstenrichtlijn. De rapporteur is ook met alle egards ontvangen in Brussel. Deze rapporteur houdt actief de ontwikkelingen van het dossier in de gaten en bericht hierover aan het parlement. De ervaring in Frankrijk is heel positief. Is het een idee om – analoog aan het Franse model – ook voor het Nederlandse parlement in te voeren? Vanzelfsprekend is dit een vraag aan de collega’s, niet aan het kabinet.

 

Het vaststellen welke dossiers wel en niet in aanmerking komen voor een subsidiariteitstoets is overigens nog niet eens zo eenvoudig. Los van het feit dat het lastig is om nu in te schatten waar de diverse voorstellen precies over gaan, is de vraag waar Europa over gaat een politieke vraag. En binnen de partijen verschillende meningen daarover. Zo zal de SP bijvoorbeeld veel sneller van mening zijn dat iets onder de subsidiariteitstoets moet vallen dan D66. Iedere politieke partij heeft zijn eigen standpunt over waar Europa zich wel en niet mee zou moeten bezighouden (drugsbeleid, defensie bijvoorbeeld). We moeten ook eerlijk zijn dat we in dat spanningsveld werken.

 

 

Werkprogramma

De regering gaat niet over het werkprogramma van de Commissie, dus echt inhoudelijk debatteren wordt lastig. Belangrijk is wel dat de kamer met de regering praat over de belangrijke voorstellen die eraan zitten te komen en waar we de vinger aan de pols willen houden.

 

Het is wel duidelijk dat het jaar 2006 een belangrijk jaar wordt. Zo zal dit jaar belangrijk zijn voor de uitvoering van de hernieuwde Lissabonstrategie. De strategie moet worden omgezet in daden (o.a. uitvoering nationale actieplannen). Tijdens de voorjaarstop zal gesproken worden over de voortgang op nationaal niveau en de maatregelen op communautair niveau. Ook voor de structuurfondsen en natuurlijk voor de Doharonde is 2006 een belangrijk jaar.

 

Het werkprogramma is in die zin wat mager dat de link tussen de beleidslijnen en de daaruit voortvloeiende activiteiten en prioritaire acties voor het jaar 2006 wat onduidelijk is. Zo is het bijvoorbeeld niet helemaal helder waarom gekozen is om in te zetten op het verbeteren van het concurrentie vermogen van de sleutelsectoren automobielindustrie, defensie en electronische diensten. Een lesje VBTB?

 

In het werkprogramma is een onderdeel opgenomen over betere regelgeving (impact assesments, evaluaties, administratieve lastenverlichting, etc). het is natuurlijk belangrijk dat er geëvalueerd wordt, maar nog belangrijker is dat er gevolg gegeven wordt aan de evaluatieresultaten. Wanneer een programma of richtlijn niet blijkt te werken, dat deze ook echt wordt afgeschaft. D66 is daarom voorstander van het opnemen van horizonclausules bij nieuwe Europese programma’s.

 

Subsidiariteit

 

Het werkprogramma is onderverdeeld in 4 onderwerpen, namelijk welvaart (Lissabon, interne markt en eurozone), Solidariteit (Klimaat, Sociale zaken), Veiligheid (Haags programma, Defensie, voedselveiligheid) en Europa als mondiale partner (uitbreiding, ontwikkelingssamenwerking en relatie met buurlanden).

 

Welvaart

 

Op het gebied van de interne markt, Lissabon, etc. heeft Europa natuurlijk een belangrijke toegevoegde waarde. Onderwerpen die in aanmerking komen voor subsidiariteitstoetsen zijn bijvoorbeeld de liberaliseringsvraagstukken rondom publieke sectoren (voorstel over post 2006/markt/006) en belasting vraagstukken (belasting heffen is een nationale aangelegenheid, verdergaande harmonisatie van belasting). In deze bijzondere aandacht voor voorstel 2006/TAXUD/003 over bestrijding van belastingfraude en voorstel 2006/TAXUD/001 en 002) voor betere samenwerking van lidstaten op het gebied van douane en belastingen[1].

 

Solidariteit

Op het gebied van milieu heeft Europees beleid zeker een toegevoegde waarde, er moet wel goed gekeken worden naar de uitvoerbaarheid van de regelingen en de toepasbaarheid op nationaal niveau ( luchtkwaliteitsnormen worden in Nederland al voor de helft gehaald door de zilte zeelucht. Dat soort zaken moeten wel worden meegenomen).

Sociale Zaken is een onderwerp waar aandacht voor subsidiariteit zeker geboden is. Kijk naar de vormgeving van de sociale zekerheidsstelsels en de nationale overlegstructuren tussen sociale partners. D66 heeft  meer vertrouwen in de moderniseringskracht van de afzonderlijke lidstaten op het gebied van sociale zekerheid, dan in die van een Europees gedreven systeem. Dus bij deze voorstellen is aandacht geboden.

Zo komt er een Groenboek evaluatie arbeidsrecht. Vraag is of de Unie zich daarmee moet bezighouden. Ook moet je je afvragen of er echt een Europees beleid gevoerd moet worden op zaken als veiligheid en gezondheid op het werk (2006/EMPL/001) of op het gebied van alcoholbeleid (2005/SANCO/032).[2]

 

Veiligheid en justitie

 

Europese samenwerking op het gebied van justitie en terrorismebestrijding heeft zeker een toegevoegde waarde. Maar hier is wel een “vinger aan de pols” gewenst bij het overdragen van nationale bevoegdheden, o.a. uit oogpunt van het spanningsveld Europees veiligheidsbeleid – bescherming rechtstaat/privacy. Ook is aandacht nodig voor de bescherming van specifiek Nederlands beleid (softdrugsbeleid, euthanasie). Voor ons is daarom het “Green Paper on drugs and civil society in the EU (2006/jls/007) belangrijk.

Punt van aandacht hier zijn ook de voorstellen op het gebied van bezitsregelingen in echtscheidings- en huwlijkszaken[3] (2005/JLS/187-188). Vraag is of dit op Europees niveau geregeld zou moeten worden.

Mondiaal

 

Uitbreidingsdiscussies, discussies over relaties met buurlanden zijn bij uitstek onderwerpen waar lidstaten een vinger aan de pols moeten houden. Zoals de “strategy paper on enlargement”(2006/enlarg/002). Ook in het bijzonder de voorstellen op het gebied van de Ukraine (in het kader van de discussie over de grenzen aan de Unie), nummer 2006/TRADE+/003 en 2006/RELEX/019). D66 is voorstander van verder samnwerking binnen de EU op OS gebeid, dus zal die voorstellen met belangstelling volgen.

 

Voorstellen die mogelijk in aanmerking komen voor subsidiariteitstoets/actief volgen[4]

 

Een eerste voorzet m.b.t. de voorstellen die belangrijk lijken en gevolgd zouden kunnen worden:

 

-                     Voorstel voor interne postmarkt (2006/markt/006);

-                     Voorstellen op het gebied van belastingen (2005/TAXUD/001 en 003);

-                     Groenboek EU drugsbeleid (2006/JLS/007);

-                     Voorstel strategische richtlijnen cohesiefondsen (2005/REGIO+/013);

-                     Actieplan Energie-efficiency (2006/TREN/032);

-                     Mededeling strategie voor een veilige informatiemaatschappij (2006)/INFSO/002;

-                     Mededeling over een Europees internet veiligheid en internetcriminaliteitsbeleid (2006/JLS+/015);

-                     Herziening richtlijn over nationale emissieplafonds voor luchtverontreinigde stoffen (2006/ENV/016).

-                     Groenboek Europees consumentenbeleid (2006/SANCO/058);

-                     Mededeling Uitbreidingspakket (2006/ELARG/002;

-                     Voorstellen op het gebied van de Ukraine (2006/TRADE+/003 en 2006/RELEX/019).

 

 

 

 

[1] Zie verder ook het voorstel over het oprichten van een technologieinstituut (2006/EAC+/004).

[2] De Mededeling over de demografische toekomst van Europa (2006/EMPL/004) wordt in de binnengekomen reacties ook genoemd als mogelijk onderwerp dat valt onder de subsidiariteitstoets. Het is goed om te weten dat D66 een motie heeft ingediend bij de Staat van de Unie, waarin we pleiten voor het bundelen van onderzoek op dit gebied. Deze motie heeft het gehaald overigens

[3] zie ook reactie EP PvdA

[4] Zie de lijst priority items. Degene die geel zijn aangekruist komen mogelijk in aanmerking voor de subsidiariteitstoets (het is wel wat koffiedik kijken). Sommige voorstellen zijn sowieso belangrijk om te volgen, los van subsidiariteitstoets.