/

Back to home page

Dutch Politics D66

Lousewies van der Laan: Atheïst, niet anti-religieus

   Fri 10/02/2006

Dit interview is verschenen in Trouw.

Het kan razendsnel gaan in de politiek. Drie jaar geleden kwam Lousewies van der Laan in de Tweede Kamer en begin deze week zat ze bij premier Balkenende in het Torentje op de koffie om de wonden in de coalitie te helen. „We hebben heel leuk gesproken. Hij vertelde hoe hij destijds plotsklaps Jaap de Hoop Scheffer moest opvolgen als fractievoorzitter van het CDA. Hij kon zich mijn gevoelens voorstellen.” De premier wilde uiteraard van de nieuwe fractievoorzitter van D66 horen hoeveel waarde ze hecht aan de coalitie die in het Afghanistan-debat zwaar op de proef werd gesteld. „Ik heb hem verteld dat hij zich geen zorgen hoeft te maken dat er nog een kink in de kabel komt. Je blijft in de coalitie totdat er een vertrouwensbreuk komt. We zijn heus niet de enigen die soms een probleem hebben. Het CDA stemde tegen de toetreding van Roemenië tot de EU en er was ook veel gedoe over de 35 euro brandstoftoeslag. Ik vind dat ook wel iets verfrissends hebben. We hebben geen dichtgetimmerd regeerakkoord. We moeten elkaar overtuigen en soms ook dingen slikken. Ik vind dat heel democratisch.”

Lousewies van der Laan ontkent dat de coalitie aan een zijden draadje heeft gehangen, maar aan de andere kant scheelde het ook niet veel. „Het was zeer moeilijk. We waren tegen en we blijven tegen deze missie. Maar nu het besluit eenmaal is genomen zeggen we: we steunen de mensen die naar Afghanistan afreizen.” U wordt met Bert Bakker gezien als medeverantwoordelijk voor de koers van D66 in dit debat. Moet u niet net als Dittrich uw verantwoordelijkheid nemen? „Er zijn door Dittrich politiek strategische fouten gemaakt. We hebben in de fractie veel gesproken over de missie en uiteindelijk heeft de fractievoorzitter de knoop doorgehakt over de politieke strategie. Als politiek leider nam Boris Dittrich de volle politieke verantwoordelijkheid door af te treden namens de hele fractie. We hebben zeer veel respect voor hoe hij dat deed. Ik denk dat dat door de hele partij wordt gevoeld. Het is niet nodig over deze kwestie uitvoerig na te kaarten.” Twee D66-ministers steunen deze missie, uw fractie is tegen. Is dat op zo’n wezenlijk punt wel wenselijk? „Zij hebben in het kabinet hun eigen verantwoordelijkheid. En in een dualistisch systeem moet dat ook mogelijk zijn. Thom de Graaf trad af toen hij de gekozen burgemeester niet door de Senaat kreeg, wij bleven in de coalitie. Wat Afghanistan betreft houden we onze bezwaren.”

U bent nu fractievoorzitter, maar bent u ook de politiek leider van de partij? „Ik ben tussentijds op deze post gekomen, dus enige bescheidenheid past mij, maar ik laat de partij niet aan zijn lot over. In onze statuten staat dat de partij het politiek leiderschap moet bekrachtigen. In mei is het congres. Dit neemt niet weg dat de fractievoorzitter de koers van de fractie bepaalt en daarmee de koers van de partij. Het is vrij duidelijk dat als er politieke belangen spelen en er ontstaat discussie over de koers, mijn kop er af gaat en van niemand anders. In deze zin ben ik op dit moment politiek leider van D66.” Bent u beschikbaar voor het lijsttrekkerschap? „Die beslissing neem ik in mei na de gemeenteraadsverkiezingen. Wat ik wel vind is dat kandidaten moeten staan voor een bepaalde koers en karakter van de partij. Er moet wat te kiezen zijn voor de leden.”

Welke kant wilt u op met de partij? „We zijn ooit opgericht door een intellectuele elite die genoeg had van de toenmalige regentenmentaliteit. Dat heeft zich vertaald in voorstellen voor de gekozen burgemeester, de premier en het referendum. Zaken die toch steeds heel moeilijk blijken te liggen.” „Ik ben van de post-Fortuyn-generatie in de Tweede Kamer. Onder Fortuyn zag je dat niet de elite, maar de massa zich heeft geëmancipeerd, vond dat ze buiten gesloten werd. D66 is er nog niet in geslaagd die brug te slaan. We moeten daarom kijken naar nieuwe vormen van democratisering om mensen dichter bij het bestuur te betrekken. Ik vind het heel leuk wat Pechtold doet met een nationale conventie over het functioneren van de democratie en het burgerforum over het kiesstelsel. Daarnaast geloof ik sterk in het sociaal-liberale karakter van de partij.”

Weten mensen wel waar D66 nog voor staat? Voor het milieu, voor onderwijs en kennis, of voor het meer democratisch maken van de Nederlandse samenleving? „Het een sluit het andere niet uit. Ja, dit kabinet houdt Borsele tot 2033 open, maar we zijn daarmee akkoord gegaan juist omdat dit beter voor het milieu is. Wij zijn niet dogmatisch, we laten de feiten de doorslag geven.” „D66 is geen getuigenispartij. We hebben sociaal-liberale idealen en die willen we verwezenlijken. Het was voor velen moeilijk te begrijpen waarom we met het CDA en de VVD in een kabinet zijn gestapt. Dat was omdat Nederland toe was aan ingrijpende sociaal-economische hervormingen die met de PvdA niet te realiseren waren. In de paarse kabinetten hebben we immateriële zaken geregeld zoals euthanasie - wat met het CDA weer onmogelijk was geweest. Stap voor stap hebben we veel voor elkaar gekregen in deze periode.” Zijn de sociaal-economische hervormingen die D66 wenste, nu gerealiseerd? „Er is veel gebeurd maar een zaak die we absoluut willen regelen is de kinderopvang. Dat is belangrijk uit economisch oogpunt, maar meer nog vanuit emancipatoir oogpunt. Vrouwen met kinderen moeten echt een keuze kunnen maken tussen werken en thuis blijven. Ik heb nu vriendinnen met twee of drie kinderen, die merken dat zij voor niets werken omdat de opvang zo duur is. Maar wellicht kunnen we dit punt regelen in een links kabinet, want de PvdA denkt er net zo over als wij.” „Op dit moment heb ik zelf nog geen voorkeur voor een bepaalde coalitie. Aansluiting bij een links kabinet zou heel goed kunnen. Ik gruwel bij de gedachte dat er straks een kabinet zit van CDA en PvdA. Want dat wordt echt een kabinet van betutteling.”

Begrijpt U dat André Rouvoet van de ChristenUnie U een ’gevaarlijke tante’ noemt vanwege uw scherpe uitspraken tegen godsdienst? „Eigenlijk niet. Rouvoet kwam met dat etiket toen onderwijsminister Van der Hoeven overwoog om ’intelligent design’ als christelijk alternatief voor de evolutietheorie een plek in de biologieles te geven. Daar was ik mordicus tegen, omdat intelligent design geen wetenschappelijk toetsbare theorie is en dus niet op die plek thuis hoort. Van mij mag dat onderwerp wel in filosofie of godsdienstles aan de orde komen. Ik vind dat een heel redelijk standpunt.’’ „Ik ben atheïst, maar zeker niet anti-religieus. Het gelijkheidsbeginsel is voor mij heel belangrijk en dus vind ik dat er geen reden is om onderscheid te maken tussen gelovigen en niet-gelovigen. Daarom kreeg ik ruzie met justitieminister Donner toen hij uitgerekend vlak na de moord op Theo van Gogh aankondigde dat hij het artikel dat ’smalende godslastering’ strafbaar stelt, weer wilde afstoffen. Toen kwam ik met een motie om dat artikel uit het wetboek van strafrecht te halen.’’ „Ik zie niet in dat gelovigen op meer bescherming tegen beledigende opmerkingen kunnen rekenen dan niet-gelovigen. Daar sta ik nog steeds achter. Ik vind ook niet dat in deze tijd moslims in dat opzicht een sterkere bescherming nodig hebben voor hun godsdienstige gevoelens. In dat geval beschouw je ze als zielige tweederangsburgers die niet goed voor zichzelf kunnen opkomen. Ik ben de laatste die moslims als tweederangs wil beschouwen.”