/

Back to home page

Europe European Parliament

Aan Europa mag je best schudden

   Sat 18/01/2014

Terwijl veel mensen de opkomst van anti-Europese partijen als een bedreiging zien, ziet Lousewies van der Laan dit als een kans om eindelijk de broodnodige discussie over de toekomst van Europa te voeren. Deze populisten dwingen de andere partijen om kleur te bekennen en met echte oplossingen te komen. Dat is winst met oog op de Europese verkiezingen van mei 2014.
 
Europa werd vaak vergeleken met een fiets: als je stopt met trappen, dan val je om. Naast de interne markt moest er dus steeds meer gebeuren: een munt, gezamenlijk werken aan veiligheid en justitie, nieuwe landen erbij, gezamenlijke diplomatie, meer bevoegdheden naar Brussel. Er kwamen nieuwe verdragen, die ondanks negatieve referenda-uitslagen - enigszins gewijzigd - doodleuk werden aangenomen. Landen die nog niet klaar waren om toe te treden moesten koste wat het kost lid worden. Europa moest vooral doorfietsen. Maar elke kleuter die net heeft leren fietsen weet dat je ook kunt remmen, je voeten op de grond zetten en even rondkijken welke kant je op wilt. Dat moet Europa nu doen. 
 
Europese samenwerking is nog nooit zo onpopulair geweest. Volgens onderzoeksbureau Gallup was in september vorig jaar nog maar dertig procent van de Europeanen positief over Europa, terwijl dat 20 jaar geleden nog zeventig procent was.  Een onrealistisch positief beeld van de EU heeft plaats gemaakt voor een al even onrealistisch negatief beeld. Veel Europeanen vinden de Unie veel te hard gaan, zonder dat ze weten waarheen. Zij willen bij de verkiezingen in mei maar één ding zeggen: nee. En dat zullen ze doen door op anti-Europese partijen te stemmen. Ironisch genoeg ontdekken de anti-Europeanen uit verschillende landen nu ook dat ze samen sterker staan en de kans is groot dat zij na de komende verkiezingen een geducht blok gaan vormen in het Europees Parlement.
 
Het is een vergissing om de opkomst van de anti-EU-partijen te onderschatten. In de Volkskrant relativeerde Chris Aalberts bijvoorbeeld onlangs het voorspelde succes. Hij wees onder meer op de verdeeldheid van de partijen en het ontbreken van concrete plannen. Omdat de partijen bovendien nooit een meerderheid zouden halen zouden ze de achterban nooit successen kunnen laten zien.  Maar het is maar hoe je succes meet. Zelfs al zou het beleid niet veranderen, toch kunnen Wilders, LePen cs het publieke debat enorm beïnvloeden. Dat doen ze nu al, Den Haag weet daar alles van. Bovendien is het helemaal niet zo zeker dat de antipartijen straks rollebollend door Brussel gaan.
 
Er zijn meer dingen die de anti-Europeanen binden dan scheiden. Zeker, het Front National heeft een anti-semitische traditie, terwijl Wilders’ PVV juist eenzijdig pro-Israel is. Maar als het gaat over migratie, asielzaken, Turkije buiten de EU houden, minder macht naar Brussel en een nog kleinere Europese begroting zitten deze en andere anti-partijen op een lijn. Dat is een goede basis voor een fractie. Bovendien: de anti-EU partijen zijn zo talrijk en zitten in bijna alle landen, dat simpelweg negeren en hopen dat het meevalt onverstandig zou zijn.
 
Pro-Europese partijen maken zich zorgen dat hun klassieke boodschap over vrede en welvaart niet meer aanslaat bij de nieuwe generaties. Dat klopt. Het weghalen van grenzen en het oplossen van de daarbij horende problemen zijn al even vanzelfsprekend geworden als de lange periode van vrede. De langdurige economische problemen in veel Europese landen ondermijnen het mantra dat Europa vooral welvaart verzekert. De crisis legt de weeffouten van het alsmaar groeiende Europa duidelijk bloot. Want wie beslist uiteindelijk of Griekenland gered wordt? Niet het democratisch gekozen Europees Parlement, maar Angela Merkel in de gesloten achterkamertjes van de Europese Raad. Wie ondermijnt de hardheid van onze euro? De gesloten Cypriotische en Sloveense banken die draaien op vriendjespolitiek. Veel mensen begrijpen niets meer van wat er in Europa gebeurt. Dat kan goed kloppen: door compromis op compromis te stapelen hebben we een Europa gecreëerd waar voor een normaal mens geen touw meer aan is vast te knopen. De parallel met de bankensector en de crisis die het gevolg was van een te grote complexiteit dringt zich op. Alleen hier gaat niet om onze economie, hier gaat het over niets minder dan de democratie zelf.
 
Partijen die reageren op de aanval van anti-Europeanen schieten er weinig mee op als ze  het Europa van vandaag gaan verdedigen. Ook het opsommen van de vele verdiensten van de open grenzen is niet genoeg om de onvrede van vandaag te beteugelen. Als je bang bent om je baan te verliezen aan een goedkope Roemeen, word je niet overtuigd wanneer iemand je erop wijst dat je zo lekker goedkoop internationaal kunt bellen. Toch zul je ook in de komende verkiezingscampagne veel kandidaat-europarlementariërs tegenkomen die het zuchtend nog één keertje uitleggen met succes-lijstjes, vrede en veiligheid.
 
Europa is een politieke constructie, net zoals Nederland of de VS. Daar moet je kritiek op kunnen hebben. Als pro-Europeanen dat niet doen, geven we dat monopolie aan anti-Europeanen. Toch was het jarenlang not done om problemen te benoemen.
 
Veel te lang zaten pro-Europeanen met twijfels bij het Europese project gevangen in een cultuur van politieke correctheid waarbij elke kritiek taboe was. Met zachte hand wordt iedereen die hoort tot de inner circle van de Europese besluitvorming gedreven tot een ongezonde eenvormigheid die de democratie ondermijnt. Bij de uitbreiding en het verdrag van Nice heb ik zelf ervaren hoe dat in de praktijk werkt.  In de Volkskrant van 21 november 2001 heb ik samen met Michiel van Hulten (PvdA) en Elly Plooij (VVD) onze Tweede Kamerfracties opgeroepen om tegen het Verdrag van Nice te stemmen. Ik was destijds Europarlementariër, maar over dergelijke verdragswijzigingen gaat de Tweede Kamer. Dat is ons door onze partijen niet in dank afgenomen. Tegenstemmen bij zo iets belangrijks is voor redelijke politici immers geen optie. Zo werkt Europa bij alle belangrijke beslissingen: landen hebben een veto. Dat dwingt een cultuur af waarin iedereen zich achter het compromis moet scharen, zonder kritische geluiden. Dat is niet goed voor de geloofwaardigheid van individuele politici. Dit zal binnenkort nog wel een probleem worden voor Mark Rutte, wiens ‘euroscepsis-light’ uit zijn verkiezings-campagne op gespannen voet staat met het niet-uitspreken van veto’s in de Raad. Het probleem is dat er tussen het saboteren van de besluitvorming en tekenen bij het kruisje niets zit dat zichtbaar is voor het publiek.
 
Pijnlijk werd zoiets duidelijk bij discussies over de toetreding van Bulgarije en Roemenie, waarvan iedereen wist dat ze nog niet aan de criteria voldeden. De politieke imperatief was echter te groot; tegenstemmen riskeerde een terugval naar het communistische verleden van die landen en een open debat tussen redelijke mensen in het midden werd daardoor niet mogelijk geacht.
 
Vind je het gek dat mensen dan vinden dat ze niet serieus worden genomen? Uiteindelijk is dat wat knaagt aan de geloofwaardigheid van Europa zelf. Juist pro-Europeanen moeten dat inzien en kritiek durven uiten op hoe de Europese Unie werkt. En vooral ook hoe de Europese Unie vaak niet werkt.
 
Europa is geen fragiele baby meer. Europa is een volwassen feit en kan een stootje hebben. Het huis staat al, nu kunnen we kijken waar de deuren scheef hangen. Daar kunnen we maar beter snel mee beginnen, voordat de anti-Europeanen het hele huis ontmantelen.
 
De bonte verzameling anti-Europese partijen, met Wilders voorop, verdienen een pluim omdat er eindelijk een echte discussie kan komen over wat voor soort Europa we willen. Daarvoor moeten we uit de simplistische tegenstelling: ben je voor of tegen Europa? Deze Europese verkiezingen moeten over het fundament gaan: wonen we in een sterk of een zwak Europa? Kiezen we voor logisch en democratisch of voor ondoorzichtig en verdeeld?
 
Die discussie kunnen we niet aan anti-Europeanen overlaten. Die wijzen dan wel op echte onderliggende problemen, ze bieden geen oplossingen. Willen we nu echt dat mensen die ontevreden zijn met Europa hun toevlucht zoeken tot nationalistische populisten, die vaak ook staan voor vreemdelingenhaat, racisme en islamofobie? Aan eurosceptici light hebben ze ook niets, want die apen de kritiek alleen maar na, zonder met alternatieven te komen. Bij die gemakzuchtige critici moeten pro-Europeanen zich vooral niet aansluiten: maar nadenken over oplossingen betekent niet dat je niet op mag noemen wat er misgaat. Sterker: het is nodig om de juiste keuzes te kunnen maken.
 

Tegenstanders van Europese samenwerking zien elke verandering als een probleem, los van de inhoud. Ze wijzen op de lekkende daken van de Europese constructie en roepen: neerhalen die handel. Maar veel voorstanders maken een andere fout, namelijk alsmaar doorgaan zonder te werken aan draagvlak. Ze zijn alweer druk met de volgende uitbouw bezig. Voor de degelijkheid van de constructie is bij dit alles geen aandacht meer. We hoeven nieuwe aanbouw in de toekomst niet uit te sluiten, maar laten we wel eerst zorgen dat de Europese bevolkingen steunen wat er nu staat.
 
Lousewies van der Laan is oud fractievoorzitter van D66 in de Tweede kamer en het Europees Parlement en net herkozen als vice-voorzitter van de Alliantie van Europese Liberalen en Democraten. 

Dit artikel verscheen op 18 januari 2014 in de Volkskrant 

 

 

Application: old-lousewiesNL [Reload, Run Tests]
Framework: Wheels 1.1.8
CFML Engine: Adobe ColdFusion 9,0,2,282541
Default Data Source: dev-lousewiesNL
Active Environment: Design [Development, Testing, Maintenance, Production]
URL Rewriting: On
URL Obfuscation: Off
Plugins: None
Route: newsPost
Controller: Articles
Action: displayArticle
Key(s): aan_europa_mag_je_best_schudden
Additional Params: page = 1
tagname = european_parliament
Caching Stats: hits: 0, culls: 0, misses: 4
Execution Time: 265ms (action ~265ms, view ~31ms)