/

Back to home page

Europe PvdA GroenLinks CDA VVD D66 ALDE/ELDR European Parliament

Neem bevolking serieus bij uitbreiding EU

   Tue 11/06/2002

Dit artikel van Lousewies van der Laan is eerder verschenen in het NRC Handelsblad.

De uitbreiding van de Europese Unie dreigt in gevaar te komen door afnemende publieke steun. Volgens Lousewies van der Laan krijgen de Europese regeringen hiermee de rekening gepresenteerd van het buitensluiten van de bevolking in het eenwordingsproces.

De Europese Commissie heeft maar liefst 250 miljoen euro gereserveerd voor een 'voorlichtingscampagne' over de uitbreiding van de EU. Enkele maanden voordat de toetreding van nieuwe landen een feit is, zullen de inwoners van West-Europa worden gebombardeerd met propaganda over hoe goed en nuttig de uitbreiding van de EU wel niet is. De vraag is, of een dergelijke reclamecampagne jarenlang achterstallig onderhoud van de publieke opinie kan compenseren. Onderzoek toont aan dat de bevolking van West-Europa in beginsel positief staat tegenover de uitbreiding. Toch hebben de regeringsleiders het nooit aangedurfd een eerlijk en open debat te voeren, uit angst dat de schaduwzijde de steun zou ondermijnen. In 2000 schreef ik op deze pagina dat juist die geslotenheid rondom de uitbreiding populisten in de kaart speelt en riep ik de regering op te investeren in draagvlak, ook als meer openbaarheid in eerste instantie leidt tot een toename van de publieke scepsis. Daar is niets van terechtgekomen en in veel landen zijn populisten er inderdaad met de buit vandoor gegaan, mede doordat ze de anti-Europakaart hebben uitgespeeld. Europa is eigenlijk altijd een project geweest van de politieke elite, waar normale mensen maar weinig over te vertellen hebben. Hoe meer invloed Europa krijgt op het dagelijks leven, hoe onhoudbaarder die situatie wordt. Aan de vooravond van de uitbreiding hebben kwesties als de MKZ-crisis haarfijn duidelijk gemaakt dat Europa er wel toe doet, maar dat de verantwoordelijkheden nogal diffuus zijn. Europa is daardoor weinig populair, maar mensen hebben ook nog het gevoel dat hen in de discussie over de uitbreiding zand in de ogen wordt gestrooid. Begrijpelijk, want met de feiten wordt nogal eens creatief omgesprongen. Zo is er de bewering dat de uitbreiding van de EU een enorme impuls zou betekenen voor de Nederlandse economie. Echter, de meeste economische voordelen van de uitbreiding zijn jaren geleden al binnengehaald met het verdwijnen van tarifaire handelsbelemmeringen door de zogeheten Europa Akkoorden. Onderzoeksbureau McKinsey becijferde onlangs dat de uitbreiding de landen in West-Europa een zeer bescheiden extra jaarlijkse groei van ongeveer 0,1 procent oplevert, minder dan de foutmarge van het onderzoek. Indien onvoldoende vorderingen worden gemaakt met bijvoorbeeld de hervorming van het landbouwbeleid, is het zelfs goed mogelijk dat het economisch resultaat van de uitbreiding voor Nederland negatief zal uitvallen. Voor hen die alleen naar het financiele belang op de korte termijn kijken, is dat feit al voldoende reden om sceptisch te staan tegenover de uitbreiding. Wellicht zal het voor de nieuwe rechtse regering inderdaad voldoende reden zijn om een veto tegen de uitbreiding uit te spreken. Dat zou buitengewoon kortzichtig zijn. De uitbreiding van de EU vereist een integrale afweging, waarin ook de politieke stabiliteit van het continent in beschouwing moet worden genomen. Daarom is het van cruciaal belang dat over de kosten en baten van de uitbreiding eerlijk en op basis van feiten wordt gedebatteerd. Dat dit de laatste jaren onvoldoende mogelijk was, blijkt uit de gang van zaken rondom het Verdrag van Nice. Volgens zowel de Europese Commissie als de Raad is ratificatie van 'Nice' een noodzakelijke voorwaarde voor de uitbreiding. Die bewering heeft geen inhoudelijke of juridische basis, maar is slechts een politiek drukmiddel om de lidstaten tot ratificatie te bewegen. Toen de Ieren het verdrag per referendum afwezen, werd onder anderen door minister Van Aartsen geopperd dat ze het referendum nog maar eens moesten overdoen. Politici haastten zich te zeggen dat de Ieren onvoldoende begrepen dat ze met Nice ook de uitbreiding afwezen. Voorzover in het Verdrag van Nice zaken zijn vastgelegd die relevant zijn voor de uitbreiding, kunnen deze gewoon worden geincorporeerd in de nieuwe toetredingsverdragen. De politieke koppeling tussen Nice en de uitbreiding is bijzonder gevaarlijk. Immers, mocht Nice opnieuw worden afgewezen door de Ierse bevolking dan, kan het uitbreidingsproces in een onnodige crisis terechtkomen. Dat was niet nodig geweest wanneer het verdrag als een normaal, zakelijk stuk was beschouwd en niet als een prestigekwestie. Ik vertrouw er desalniettemin op dat de regeringsleiders bij een definitieve afwijzing van Nice alsnog terugkomen van hun dreigement om zonder Nice de uitbreiding te blokkeren; dat zou namelijk onredelijk en onverantwoord zijn. Een ander knelpunt zit in de achteloze wijze waarop Europa's politieke leiders hun eigen afspraken terzijde schuiven. In 1993 heeft de EU besloten welke criteria bepalen wanneer een land lid kan worden van de EU. De 'toetredingsonderhandelingen' die de afgelopen jaren tussen de huidige en toekomstige lidstaten plaatsvonden, gaan over de overgangstermijnen waarbinnen nieuwe lidstaten aan de criteria moeten voldoen. Daar is niets mis mee: als elk meteen aan alle details van de Europese regelgeving moet voldoen, zou elke toetreding onmogelijk zijn. De onderhandelingen gaan echter niet alleen over de ingredienten van chocola en hoe krom komkommers mogen zijn; ze gaan ook over zeer wezenlijke zaken als democratie en rechtsbescherming. Wie de rapporten van de Europese Commissie over de kandidaatlanden leest (www.europa.eu.int/comm/enlargement) schrikt van de corruptie en discriminatie, het gebrek aan onafhankelijke justitie en de omstandigheden in gevangenissen. Ook wordt getwijfeld aan de capaciteit van sommige nieuwe lidstaten om het Europese recht te handhaven. Zeker nu met het Europees arrestatiebevel de rechtsstaten in de EU steeds meer vervlochten raken, is het essentieel dat de nieuwe lidstaten aan alle criteria met betrekking tot democratie en rechtsbescherming voldoen voordat zij toetreden. De laatste maanden hebben in het politieke discours de criteria echter plaatsgemaakt voor een tijdschema waarbinnen alle landen - zoveel mogelijk op hetzelfde moment - moeten toetreden. Premier Kok, kanselier Schroder en anderen hebben zelfs laten weten dat Polen per se bij de eerste toetreders moet zitten. De politieke afweging gaat inmiddels dus boven een zakelijke, individuele beoordeling van de criteria. Polen loopt hopeloos achter met de vereiste hervormingen, maar krijgt een free ride. Of het moet betekenen dat landen als Slovenie, die hun huiswerk wel op orde hebben, maar even moeten wachten tot hun grote broer Polen zover is. In ieder geval is het principe van individuele toelating op basis van vooraf gestelde criteria ondergeschikt geworden aan politieke afwegingen. Dat is onacceptabel. Inmiddels wordt de indruk gewekt dat de uitbreiding een gelopen race is. Ook dat is onjuist. Het besluit welk land wanneer wordt toegelaten wordt pas dit jaar genomen. Op 12 en 13 oktober zullen de Europese regeringsleiders onder Deens voorzitterschap besluiten welke landen in de kopgroep zitten. Het is daarom essentieel dat de nationale parlementen, zoals de Tweede Kamer, nog in september een mandaat voor die bijeenkomst formuleren. Alleen zo kan worden voorkomen dat de volksvertegenwoordigers 'ja' moeten zeggen tegen voorwaarden voor toetreding waarmee ze eigenlijk niet gelukkig zijn. De Nederlandse regering in wording stelt dat de criteria voor de uitbreiding strikt zullen worden toegepast. Dat is een gunstige ontwikkeling, al vallen bij de motieven van CDA, LPF en VVD wel vraagtekens te plaatsen. Zo wil de VVD de kandidaatlanden de prijs laten betalen voor haar eigen falen de landbouw te hervormen. Het was immers toenmalig VVD-minister Zalm die tijdens de top in Berlijn het kortetermijnsucces van een lagere Nederlandse EU-bijdrage prefereerde boven een structurele verandering in het EU landbouwbeleid. De LPF wil de kandidaten de prijs laten betalen voor de onmacht van de huidige Unie om zichzelf te hervormen. Daarmee lijkt het nieuwe kabinet slechts te kiezen voor het eigenbelang en schuift ze de rekening van het falen van de huidige lidstaten door naar Oost-Europa. D66 is groot voorstander van de uitbreiding, maar anders dan de PvdA en GroenLinks vinden wij niet slechts de toetreding maar vooral de weg ernaartoe belangrijk. Niet het tekenen van een toetredingsverdrag, maar de versterking van de democratie en de creatie van een stabiele markteconomie is wat een uitgebreide EU tot een succes maakt. Daarom wil ik de handhaving van de criteria zwaarder laten wegen dan de politieke belangen. Dat de bevolking in West- en Oost-Europa nog steeds niet serieus wordt genomen in het uitbreidingsproces, blijkt tot slot uit de gretigheid waarmee politici en journalisten wijzen op de beperkte window of opportunity voor de uitbreiding. Als we nu niet snel uitbreiden, valt het draagvlak wellicht weg en krijgen rechtse populisten in Oost en West de kans het feestje te verpesten. Ook uit die opstelling spreekt weer de onverbeterlijke arrogantie die populisten zo in de kaart speelt. Als we werkelijk overtuigd zijn van het nut van de uitbreiding, moeten we ook geloven dat mensen dat nut niet alleen nu, maar ook over een paar jaar nog onderschrijven. Wie meent dat uitstel voor landen die nog niet klaar zijn de uitbreiding in gevaar zou brengen, moet zich afvragen of hij of zij wel zo'n sterke zaak heeft. Wie zelf niet gelooft in de democratie, kan niet geloofwaardig strijden tegen de rechtse populisten. Het is nog niet te laat om de uitbreiding alsnog een project van iedereen te maken. De mensen in Europa zien wel degelijk het belang van stabiliteit op het Europees continent. Maar zolang mensen het gevoel hebben dat hun een rad voor ogen wordt gedraaid, zie ik het somber in. Een dure promotiecampagne die opnieuw slechts de zegeningen van de uitbreiding zal bezingen, werkt averechts. Wat we nodig hebben, is openheid en een kritisch debat. Dat kan als ook de voorstanders van uitbreiding geloven in de kracht van hun argumenten en zich niet louter laten leiden door angst voor de publieke opinie. Lousewies van der Laan is lid van D66 en maakt deel uit van de liberale fractie in het Europees Parlement.

 

 

 

Application: old-lousewiesNL [Reload, Run Tests]
Framework: Wheels 1.1.8
CFML Engine: Adobe ColdFusion 9,0,2,282541
Default Data Source: dev-lousewiesNL
Active Environment: Design [Development, Testing, Maintenance, Production]
URL Rewriting: On
URL Obfuscation: Off
Plugins: None
Route: newsPost
Controller: Articles
Action: displayArticle
Key(s): neem_bevolking_serieus_bij_uitbreiding_eu
Additional Params: page = 1
tagname = pvda
Caching Stats: hits: 0, culls: 0, misses: 4
Execution Time: 421ms (action ~421ms, view ~63ms)